Piece # 12 – La nona

Ze is tegen de honderd, Italiaans, onverwoestbaar en ze heeft altijd honger. La nona struint de hele dag door de keuken af op zoek naar salami, mortadela, brood of iets om te snacken, ondertussen luid mompelend: una picadita! Wanneer iemand in haar familie ‘s nachts het licht aan doet strompelt ze zo snel als ze maar kan naar de ontbijttafel en schreeuwt: desayuno!

Op een dag is de maat vol, haar familie houdt van haar, maar trekt het niet langer. Het zijn de jaren ’70 en Argentinië maakt de ernstigste crisis door die haar geschiedenis rijk is. Zoon Carmelo heeft een marktkraam, maar zijn inkomsten zijn te mager om de familie te kunnen onderhouden. De andere zoon Chicho noemt zichzelf ‘componist’ en een baantje erbij nemen gaat hem te ver. Kleindochter Martha werkt als prostituee maar ze verzwijgt dit om haar familie nog meer leed te besparen. Chicho komt tot de conclusie dat la nona met haar exorbitante eetgedrag het probleem is, en dat dus ook zij degene moet zijn die het oplost. De familie helpt hem bij het uitvoeren van zijn hilarische plannen om haar ‘per ongeluk’ kwijt te raken, ergens te deponeren, te laten trouwen, en als dat allemaal anders loopt dan verwacht, haar van het leven te ontdoen. Echter, ook dat valt nog tegen.

“La nona”, in Argentinië een klassieker, was het eerste theaterstuk dat ik hier zag, en ik was zo onder de indruk dat ik meteen ook de verfilmde versie ben gaan zien. Het heeft mijn theaterhonger definitief aangewakkerd. Gelukkig heeft Buenos Aires meer dan honderd theaters. De meesten zijn gebouwd aan het begin van de 19e eeuw, toen Argentinië het economisch beter deed dan Europa, en maken een majestueuze indruk. De shows kosten weinig of zelfs niks. Kortom, ik stuur de cultuurbarbaar in mij bij deze met winterslaap.

Zonder geld ook geen armoei

‘De aarde is overbevolkt’ volgens de Tragedy of the commons-theorie en mijn vorige post.

‘Het monetaire systeem is een grote leugen’ volgens de deze maand uitgebrachte docu Zeitgeist Adendum.

Gaat dat zien, en beeld je eens in hoe het zou/zal zijn om te wonen in het voorlopig nog hyper-utopische The Venus Project, zonder geld that is.
Gaat dat zien!
venus project

Piece # 11 – Armoei

Ik heb het geluk dat ik meestal midden op de dag met de metro reis en niet tijdens de spits wanneer de van 9 tot 6 gaargestoomde kantoorlui massaal een sprint naar huis trekken en zodoende de metrostations, wandelgangen, klappoortjes en de altijd heerlijk benauwde treintoestellen zelf overbevolken. Tokiotaferelen zijn geen onbekend verschijnsel zullen we maar zeggen. Maar, ook overdag voel ik me vaak opgelaten in de Subte, oftewel de metro. Er komt bijna altijd wel een jong kotertje binnen, die dan stilletjes langs de zittende mensen loopt en bij iedereen een gekleurd Disney kaartje op de knie legt. Of een briefje waarop staat: “met uw hulp kan ik iets te eten kopen”. En als het geen jong kotertje is, dan is het wel een tiener of twintiger, met een doosje vol pennen, sokken, mueslirepen, of bijvoorbeeld superstille baardtrimmers op batterijen. Het betreffende product wordt door de persoon met luide stem de hemel ingeprezen: “Dames en heren, ik heb hier speciaal voor u, alleen vandaag, een balpen van uitstekende kwaliteit. Ze zijn overal te gebruiken, in huis, op school, op het werk, tijdens de studie, en onderweg. Verkrijgbaar in de alombekende en algemeen geaccepteerde kleur…blauw. Dus waagt u die stap, u zal er geen spijt van krijgen. Koop nu deze perfect werkende balpen voor slechts 2 pesos”.

In gedachten probeer ik me vaak voor te stellen hoe het moet zijn om dit soort ‘werk’ te doen. Hoeveel metro’s zal hij af moeten gaan voor hij een fles cola kan kopen? Hoe lang heeft hij – voor de spits uit – moeten reizen om vanuit de sloppenwijk op zijn werkplek aan te komen? Hoe groot is de familie die hij te onderhouden heeft? Met andere woorden: hoe krijg je het voor elkaar?

Deze week, op 17 oktober, is het internationaal de dag van de strijd tegen de armoede. Zal hij daar iets van merken? Ik heb altijd hersenruimte én letters over en daarom filosofeer ik wel eens over de wereldproblemen. Over hoe slecht en onderdrukkend de Westerse wereldmachten bezig zijn enzo. Tragedy of the commons is een inmiddels wereldberoemd artikel uit 1968 dat met een simpele, eigenaardige verklaring voor de ongelijkheid in de wereld komt. Garrett Hardin beschrijft in het artikel de volgende metafoor. Een aantal boeren delen een gemeenschappelijk stuk weidegrond waarop ieder evenveel koeien heeft grazen. Eén boer echter, wil zo veel mogelijk verdienen en daarom voegt hij stiekem een extra koe toe. Hij heeft hierdoor meer opbrengst dan de andere boeren en de hoeveelheid gras die deze koe opeet gaat ten koste van allen, waardoor het nauwelijks opvalt. Dat bevalt goed en daarom voegt hij nog enkele koeien toe. Het probleem zit hem erin dat de andere boeren op hetzelfde idee waren gekomen. En er dus niet genoeg gras is voor alle koeien, de grond raakt uitgeput en de boeren slachten elkaar langzamerhand af…

De oplossing hier op aarde zit hem niet in het genetisch manipuleren van voedsel of andere grondstoffen, zo redeneert Hardin, want dankzij de explosief groeiende bevolking zal dit op den duur niet voldoende zijn. De heftige wereldwijde bevolkingsgroei die volgens de voorspellingen van de Verenigde Naties nog tot ver na 2050 doorgaat, moet afgeremd worden. Niet zo’n gek plan als je kijkt maar naar dit Al Gore-style grafiekje:

Maar wie ziet dit gebeuren als abortus in landen als de USA en Argentinië nog steeds niet legaal is? Als de gemiddelde vrouw in een land als Haïti tussen de 10 en 20 kinderen krijgt (een teken van een land dat in de problemen verkeert) waarvan minstens de helft het niet tot peuter haalt (ook best wel een teken van dat het land in de problemen verkeert)? Als er in datzelfde land slechts 1% van de bevolking niet onder de armoedegrens leeft, maar direct dan weer zo rijk is dat ze met privéhelicopter naar de supermarkt gaat? Kortom, als de wereld zo vol is van extremen, en we nog steeds vol onbegrip naar het 1-kind-beleid van de Chinezen kijken, zal er dan ooit wel een stap in de goede richting gezet worden zonder dat we weer 2 stappen achteruit doen?

Vandaag is een dag waarop meer dan 8000 bloggers over de hele wereld over een bepaald thema schrijven; dit jaar is dat “armoede”. Men hoopt dat er vanuit de blogosfeer goede ideeën, coole meningen, ingrijpende ervaringen en superbe vondsten naar boven komen drijven, op basis waarvan de zich bijeen aangesloten organisaties hun gelden kunnen investeren.


Piece # 9 – Waarheen, waarvoor?

Ik kan niet zeggen dat ik niet een beetje in de war ben geweest de afgelopen tijd. Ik ben hier nu twee maanden, maar het lijkt veel en veel langer. Zoals altijd was ik op zoek naar een doel, of meerdere doelen, om naartoe te werken en te leven. Alleen maar studeren, en de taal goed leren, en nieuwe vrienden maken, en Ariel goed leren kennen om te zien of ik me niet vergist had (of hij…), en een beter huis vinden, en goed contact onderhouden met het thuisfront leken me niet genoeg. En hoe goed dat ook allemaal lukt, ik werd ontevreden omdat ik voor het eerst in mijn leven geen uitzicht op een baantje had. Ik begon te zoeken. Het bleef ondertussen buitenproportioneel knagen en maakte me onrustig. Ariel merkte het en op een zondag gebeurde het ineens dat we tot in detail plannen aan het maken waren over het starten van een bedrijfje. We zouden hier met zijn contacten softwareprogrammeurs inhuren en dan via mijn contacten de programmeer- en designdiensten aan Nederlandse webdevelopment bedrijven verkopen. In Nederland overstijgt de vraag het aanbod en hier in Argentinië stikt het van de ervaren jonge mensen die stukken minder salaris eisen. Kortom, het zou haalbaar zijn in alle opzichten, en voor een paar jaartjes best interessant.

“Best interessant” is leuk en aardig maar niet genoeg, besloten we even later terwijl we net bezig waren met de website en de contacten. Wij zijn immers geen techies, dus wat voor voldoening zouden we gaan halen uit het laten uitvoeren van werk dóór anderen en vóór anderen? Juist.

Sindsdien voel ik me stukken geruster, en gek genoeg wordt het me steeds duidelijker waar de goede weg ongeveer zal liggen. Ik kreeg de aanbieding om de PR en website te gaan doen voor een werkplaats (met bakkerij, theater, computerlessen) voor jongeren met een verstandelijke handicap. De overheid faciliteert of financieert dit soort initiatieven hier niet, dus het is eigenlijk al een wonder dat ze bestaan. Ik las een conferentieverslag van PICNIC van Ethan Zuckerman met onverwachte initiatieven uit Afrika, waaronder Afrigadget en een NGO die jongeren opleidt tot bijvoorbeeld webdesigner, die me ontzettend veel inspiratie geven. Ik kwam binnen een dag een paar internationale netwerken tegen die erin slagen idealisme en het WWW te verenigen (en ook nog *tip* dit), en werd uitgenodigd door een amerikaanse NGO om onderzoek te gaan doen met immigranten in de wijk La Boca. Alles op vrijwillige basis. Daarentegen, dit keer kan ik niet wachten om te beginnen.