Piece # 31 – De kunst van het barbecuën

Mocht de conversatie met een Argentijn ooit stilvallen, dan is één woord voldoende om ze weer op gang te krijgen: asado. Een lekkere zomerdag, een verjaardag, een zondag zonder verdere activiteiten; het is altijd reden voor het plannen van een goeie asado, oftwel een BBQ bij iemand thuis. Dit heeft overigens niks te maken met het bakje kolen op wieltjes dat we in Nederland kennen.

Het hier gebruikte instrument is de parrilla [spreek uit als parrrrisja], een stenen of metalen constructie die vaak is ingebouwd op het dakterras of balkon, met daarop een door de gastheer bereide hoeveelheid vlees voor een heel weeshuis. Geen drumsticks of BBQ-worstjes maar bloedworst, varkensvlees, stukken vacio van een halve meter in lengte en weet ik hoe ze de andere eetbare delen van de koe noemen, want ook die liggen er gerust op. Paprika, ui, maiskolven en zoete aardappel worden tussen de kooltjes ook snel gaar en zoet van smaak. Salades, brood en vino tinto completeren het geheel. Er komen meestal een behoorlijk aantal mensen naar de asado want zonder goed en veel gezelschap is deze niet compleet. Iedereen eet ook best wel ‘ietsje’ meer dan bij een gemiddeld pasta-dineetje (bewijsmateriaal: de grootste asado ter wereld).

De asador, oftewel de verantwoordelijke voor het vuur, de kooltjes en het vlees, krijgt op een gegeven moment een applaus. Want als je de mannen moet geloven (de asador kan geen vrouw zijn, volgens de naar mijn weten wereldwijd universele pyromaantechnische gedragsregels) schijnt het hard werken te zijn om die stukjes vlees mooi sappig op de borden te krijgen.

Als er een dessert wordt gegeten is dat vaak een jummy meringue lemon pie of een andere soort cake of taart. Maar, als alternatief kun je in iedere uithoek van Buenos Aires ook ijs laten thuisbezorgen. Binnen een kwartier staat er dan een kilo of wat Italiaans schepijs in de door jouw gekozen verrukkelijke smaken op de stoep. Nog een koffie er achteraan en je kunt jezelf als een tonnetje naar huis rollen.

Binnenkort te verwachten in de serie “de Argentijnse keuken”: de pizza, de milanesa, de pizza, de huisgemaakte pasta’s, de pizza, kip uit de oven, de pizza, de pompoen, sandwiches de miga en, had ik de pizza al genoemd?

Piece # 30 – Simpel-weg Uruguay

Sinds ik in Argentinië ben staat Uruguay nummer één op mijn verlanglijstje landen-die-ik-van-plan-ben-te-bezoeken. Het meest verleidelijke aan Uruguay is dat het op slechts twee uur varen vanuit Buenos Aires ligt. Ik denk dat voor een inburgerende buitenlander in Nederland België ook hoog op zijn verlanglijstje zou staan. Een bereikbare droom voor reislustige types zullen we maar zeggen.

Dus voor de Paasdagen kocht ik boottickets naar het beloofde land daar aan de overkant van de zilverrivier. Ariel en ik kwamen donderdagavond aan in het dorpje Carmelo, dat slechts een donker gat bleek. Er stond een bus die naar Montevideo ging. Drie uur zou de reis duren. Dus we stapten in.

Na de bustocht die we zittend in het gangpad moesten doorbrengen (paasdrukte), kwamen we ‘s avonds laat aan in de hoofdstad Montevideo alwaar we eerst geen betaalbare hotelkamer konden vinden (paasdrukte alom). Uiteindelijk vonden we een semi-betaalbare waar lugubere schilderijen aan de muren hingen. Het maakte niet uit; doodmoe vielen we in slaap. ‘Lekker relaxt, zo’n vakantie’, dacht ik nog.

De volgende dag kochten we allerlei bustickets, heen en terug naar la Pedrera, het door ons tot verblijfplaats gekozen dorpje. Er waren nog maar net aan twee plaatsjes beschikbaar in het beperkte aanbod van busdiensten (weer paasdrukte), zodoende zouden we op de terugweg een halve dag in Montevideo doorbrengen, en later 5 uur moeten overbruggen tot de bootdienst naar Argentinië zou vertrekken. ‘Zien we dan wel weer, ondanks alle paasdrukte hebben we toch mooi de tickets’, zeiden we.

Helaas hadden we dus tickets bemachtigd voor de meest langzame busdienst van allemaal waardoor we pas na nog eens 4 uur reizen in la Pedrera aankwamen.

Maar, la Pedrera maakte alles goed. De camping was mooi natuurlijk, ons tentje stond binnen 10 minuten, en de eigenaresse serveerde ons gebakken vis en aardappelpuré (ja, een ware specialiteit) met Uruguayaanse wijn. We gingen het dorpscentrumpje in en ook dat was werkelijk leuk. Er was een jazzfestival aan de gang, en de paasdrukte was hier geen drukte was maar zorgde er juist voor dat dit gat er niet geheel verlaten was. Bovendien was er een prachtig uitzicht op het ongerepte strand, de zeer woeste golven en de sterrenhemel.

De volgende dag hadden we eindelijk helemaal niets van doen met alles wat de mens het leven lastig maakt (zoals paasdrukte!) en bleven we de hele dag op het strand (hier wat foto’s). Grappig genoeg was er helemaal niemand! Terugwandelend smokkelden we een eucalyptusplant met wortel en al mee uit het aangrenzende natuurgebied. Die avond barbecueden we en bezatten we ons samen met wat andere flamboyante en minder flamboyante verschijningen die zich toevallig ook in la Pedrera bevonden. Ja, de vakantie was nu eigenlijk al compleet.

Dag drie was een snikhete dag en we probeerden, eenmaal weer in Montevideo, hoogte te krijgen van deze stad en haar inwoners. We kwamen echter niet veel verder dan dat de hoofdstad een geheel vervallen, grijs en straatarm centrum heeft waar bar weinig te beleven is. Logischerwijs komen de stedelingen het liefst naar Buenos Aires; en ik kan ze ondanks mijn persoonlijke bezwaren geen ongelijk geven.

Tot slot moet ik gewoon even melden dat men in Uruguay de mate letterlijk geen moment met rust laat. Is mate drinken in Argentinië iets voor tijdens het werk of het socializen, in het buurland reist, slaapt, fietst en gaat men al mate-slurpend naar de WC met de thermoskan onder de arm geklemd.

Piece # 29 – Wat ‘n feest!

De Belgische Dewaele broers oftewel Soulwax oftewel 2manyDJs waren dit weekend in Argentinië, hoewel slechts in de vorm van hun komische documentaire Part of the weekend never dies. De vijf screenings op het groots opgezette B.A. Independent Cinema Festival geven mij in elk geval een sprankje hoop dat ze nog eens deze kant op zullen komen, in de toekomst.

Dus, ik zag de film in het programma, riep naar Ariel ‘Vamos!’ en pakte mijn tas en mijn sjaal (het begint wat frisjes te worden ‘s avonds). Dat hij meewilde wist ik heel zeker want Ariel is geobsedeerd door alles waar gitaren bij komen kijken én door alles wat electronica (2manyDJs) en rock (Soulwax) met elkaar verenigt.

Ik wilde het zeker niet missen omdat ik de dansbare muziek waar ik van hou soms mis. Omdat ik nu een perfect excuus had even terug te reizen door mijn herinneringen aan de Europese festivals, feesten op boten, in havengebouwen, in voormalige kerken, in Paradiso, in het Paard en andere partijen waar DJ’s de decibellen over het bezwete publiek heen storten met precisie, met overtuiging, en met passie. En dat de mensen dan dansen met diezelfde overtuiging en passie (liever geen precisie!!). Mensen die net als ik regelmatig een synthesizer die over de kop gaat willen horen, die een dosis scheurende gitaren nodig hebben, bassen die tot in je onderbuik doordreunen en drums die jouw bewegingen die nacht bepalen. Dat dat basis genoeg is voor een perfecte avond. Dat vrienden, drank of drugs geen vereisten zijn. Part of the weekend never dies hielp me het te herinneren.

Dus, waar is de uitgaansagenda van deze week?