Piece #47 – Buitengewone beroepen II

Zoals ik eerder schreef worden er in Buenos Aires beroepen uitgeoefend, die niet overal ter wereld bestaan. Sommige bestaan in een andere vorm, andere bestonden ooit maar zijn met het verstrijken van de tijd uitgestorven. Weer een paar voorbeelden.

Krantenventer

Een abonnement hebben op een krant of tijdschrift dat aan huis wordt bezorgd, is hier niet gebruikelijk. Het is daarom dat we de krantenventer ‘s ochtends in alle vroegte bij een kruispunt zien staan, hij schreeuwt “diario!”. Een roepende in de woestijn? Er zijn altijd automobilisten die een exemplaar kopen, maar het loopt niet storm, zogezegd. Niet zaterdag, maar zondag is krantleesdag. Zondagochtend staan er overal in de stad jongens paraat met een rekje met verschillende dikke zondagedities, waar de buurtbewoners direct uit bed naartoe sloffen, vervolgens kopen ze broodjes en sigaretten (dat kan overal op zondag) en wanneer ze thuis terugkomen zal inmiddels de koffie doorgelopen zijn.

Hondenkapper

Zaterdag is een dag waarop je bijvoorbeeld bij de hondenkapper langsgaat – met hond uiteraard. Het heersende idee is dat honden met wat langer haar na het badderen niet snel genoeg opdrogen en dat zou irritatie en schimmeltjes achter de oren kunnen veroorzaken. En in een cultuur waar de hond nog net niet op een groot voetstuk staat is dat een onacceptabel risico. Men geeft er daarom de voorkeur aan de hond professioneel te laten badderen en droogföhnen (de standaardbehandeling), maar niet zelden worden ook nageltjes geknipt en het vachtje gekortwiekt of geschoren. Prima, ware het niet dat men hierbij naar een afwijkende esthetische norm handelt. Ik weet vaak niet waar ik moet kijken als ik een “geschoren” hond voorbij zie komen met het haar op de oren, de “snor”, het puntje van de staart en bovenop de pootjes (a la pantoffeltjes) nog op de natuurlijke lengte.

Almacenera

De almacenera is een vrouw, van boven de vijftig, die haar eigen zaak runt (in dit geval een almacén). Ze kookt, bakt, frituurt, ontdooit, garneert, bereidt en verkoopt voedsel. Alles met liefde, maar de kwaliteit en de houdbaarheidsdatum van de producten balanceren soms op het randje. De almacenera heeft het zwaar, want moet concurreren met professionele, gestructureerd werkende bakkerijen die voor betere prijzen lunches verkopen, (en die wél de controle van de smaakpolitie zouden doorstaan). Almaceneras proberen niet zelden met allerlei kletspraat hun concurrenten zwart te maken, hier komt ook de mythe vandaan dat de chinese supermarkten waar iedereen boodschappen doet, ‘s nachts de koelkasten en vriezers uitschakelen om stroom te besparen. De kletspraat, aan de andere kant, is ook een reden waarom mensen bij haar komen kopen; het versterkt het buurtgevoel en even zorgeloos klessebessen over van alles en nog wat is af en toe best OK.

Playero

Playero heb ik altijd een raar woord gevonden, het doet enerzijds denken aan player, wat je daar dan ook onder mag verstaan, en anderzijds zit het spaanse playa erin verwerkt en zou het dus iets met strand te maken kunnen hebben. Een player op het strand, dat zou ook kunnen. Nou goed, inmiddels is het mysterie opgehelderd, het is namelijk pompbediende. De tankstations zijn hier zelden self-service, waarschijnlijk vanwege gebrek aan een goed digitaal betaalsysteem én vertrouwen in de medemens. Playeros dus, en playeras want het zijn ook best vaak meiden.

About these ads