Piece # 94 – Dokters, diagnoses en dekmantels

In de jaren dat ik hier woon heb ik veel dokters gezien. Ze zijn ook nog eens heel makkelijk te herkennen. Medisch personeel loopt hier zowel binnen als buiten het ziekenhuis in een tenuetje: wit, lichtgroen, zeeblauw, wijnrood, lila. Elk ziekenhuis én elke afdeling heeft zijn eigen kleur.

Wat ik natuurlijk bedoel, is dat ik in Buenos Aires meer dan eens bij de dokter ben langsgegaan.

Als je je ziek meldt op je werk ben je namelijk verplicht om een doktersbriefje af te geven. Dus met enkel wat verhoging of een zware verkoudheid, toch even langs de huisarts. Dokters voelen zich denk ik beter als ze iets voorschrijven, want ik ben nog nooit naar huis gestuurd zonder recept. Mijn medicijntasje zit vol doosjes Quraplus en Refrianex: oppepmiddelen met paracetamol en pseudoefedrine waar zelfs een comapatiënt nog energie van krijgt. De arts schrijft – hoe ironisch – behalve een oppepmiddel ook rust voor: 24 uur, of meer, afhankelijk van de ernst van je klacht. Dat is wat je dan officiëel mag verzuimen van je werk. Eén van de eerste keren dat ik ging, vroeg de jonge arts aan me of ik wilde dat ie 24 uur opschreef of toch liever 48 uur?

Toch zijn er een hoop klachten waarmee je niet naar de huisarts gaat. Je stapt hier namelijk direct naar een specialist. Ik ga (zoals bijna elke vrouw in Argentinië) elke zes maanden naar de gynacologe voor controle. Ik ben ook bij een dermatoloog en gastroentereoloog geweest, zonder doorverwijzing van een huisarts. Voor buitenlanders betekent dit vaak een lesje medische terminologie en castellano voor gevorderden: zorg bijvoorbeeld maar eens dat je weet waarvoor je naar de otorrinolaringologo zou gaan (zie voor het antwoord onderaan de pagina). En spreek dit vervolgens maar eens correct uit wanneer je telefonisch een afspraak maakt.

Ook de diagnose doet in mijn Hollandse oortjes meestal geen belletje rinkelen, wederom dankzij overmatig gebruik van terminologie en een gebrek aan nuance. Iedere aandoening eindigt op -itis waarbij meestal ook het woord inflamación (ontsteking) valt. Zo het kan het dus voorkomen dat je te horen krijgt dat je keelontsteking (faringitis) hebt, terwijl je keel alleen maar geïrriteerd is geraakt door het hoesten.

De specialisten staan erom bekend je graag door te sturen voor uitgebreid onderzoek. Bij de geringste twijfel over een diagnose ga je de onderzoeksmolen in: röntgenfoto’s, een MRI scan, een echo, bloed afnemen. Bedrijven en sportclubs sluiten zich hierbij aan; het is wettelijk verplicht om nieuwe werknemers en leden een compleet medisch onderzoek te laten ondergaan: van je hartritme tot je hersenactiviteit. Niet dat men zo geïnteresseerd is in je gezondheid; het is een manier van juridisch indekken. Net zoals dat je bij het lid worden van een sportclub een papier ondertekent waarmee je erkent dat het sporten én blessures je eigen verantwoordelijkheid zijn.

Persoonlijk vind ik het grandioos dat er in het medische circuit zoveel preventieve controles worden gedaan. Met deze onderzoeken kan echt erger worden voorkomen. Zeker bij ouderen, vrouwen en mensen met afwijkingen wordt hier veel aandacht aan besteed. Maar, de ziektekostenpremies zijn hier net zo hoog als in Nederland (terwijl het salaris minder dan de helft is).

De welbekende medalle met twee zijdes dus. De blije kant: ik ga volgende week een uitgebreid preventief onderzoek laten doen. Dit geeft me de kans om voordat ik naar Europa kom een medisch erkend totaalbeeld te krijgen van mijn fysieke gestelheid. Voor het geval dat. En omdat ik weet dat zoiets in Nederland en België niet gebruikelijk is, en niet zomaar door zorgverzekeraars wordt vergoed.

Aan de donkere kant: de omnipresentie van medische terminologie, veel medicijnen en goedbedoelde preventieve onderzoeken garanderen geen gezond lichaam.

Echte preventie begint uiteraard bij gezond leven. En helaas, op dat gebied kan Argentinië nog heel wat leren van bijvoorbeeld Nederland.

*Een otorrinolaringologo is een keel-, neus- en oorarts. Over het beestje bij de naam noemen gesproken…

Piece # 92 – België als mijn nieuwe land

Ook al is de jaarwisseling voor mij nooit een groot moment, toch ben ik nu blij dat 2012 begonnen is. Hier in BA, zonder feesten en zonder excessen met drank of vuurwerk, heb ik het oude jaar van me afgeschud.

Geen goede voornemens, of de vraag wat ik het komend jaar allemaal anders ga doen.

Wel de vraag hoe ik alles ga doen wat zich in 2011 uitkristalliseerde.

Dit jaar werd het me kraakhelder dat Argentinië niet cien por cien mijn land is. Mijn hart gaat natuurlijk wel heel erg naar Argentinië uit en dat zal zo blijven. Mijn hart is Argentinië ook eeuwig dankbaar voor het tevoorschijn doen komen van Ariel (hoewel, als dat ergens anders was geweest, zou ik dan nu daar gezeten hebben?).

België als mijn nieuwe land. Het land van de pintjes en de frietkotten dat alles, behalve Nederland is. En toch ook weer niet. Je begrijpt het volgens mij wel, als je Nederlander bent.

Vandaag de dag kun je als multicultikoppel niet “zomaar” naar Europa vertrekken. Maar een plan is een plan. Zo kwam het huwelijk ineens in zicht. Op een zonnige dag, omringd door heel veel euforische familie en vrienden, gaven wij elkaar het ja-woord. Ja, het was misschien wel de mooiste dag van het jaar.

Het één en ander zal nog uitgekristalliseerd moeten gaan worden. Waar ga ik werken? Zullen we onze fantastische vrienden en familieleden van hier niet vreselijk missen? Lopen we geen kans om slachtoffer te worden van de eurocrisis? (Of eerder van de H&M en IKEA?)

Maar we voelen ons allerminst slachtoffer. We vinden juist dat we veel geluk hebben. Het geluk om te kunnen kiezen waar we wonen, werken en leven. Het geluk niet gebonden te zijn aan een klemmende familieband, een fracaserende economie, of angst voor het onbekende.

2012 wordt – hoe dan ook – een jaar van creativiteit en vernieuwing. Ik wens iedereen hetzelfde toe!

Mee in de koffer: Regtest van Luca Prodan (uit 1981). Een muzikale revolutie in Argentinië die nog steeds elke dag op de radio te horen is.

Piece # 91 – Kerstsfeer: geen

fragrance of New Year

dreams hanging like crystal drops

behind the green needles

Deze haiku trof ik gisteren op Twitter (via @ashalynd) aan. Het einde van het jaar, en de feestdagen in het bijzonder brengen vaak allerlei gevoelens met zich mee. Je weet wel, gevoelens van saamhorigheid, liefde, vrede-op-aarde, nieuwe hoop en nieuwe dromen voor het komende jaar. Ik vermoed dat het toch vooral de groene naalden, lichtjes en eventuele sneeuw zijn die deze gevoelens versterken.

Want hier bij 30 graden in de schaduw, zijn ze nagenoeg afwezig.

Ook afwezig zijn de palmbomen, witte stranden en heldere zee, dus voor de typische antikerst-ervaring moet je ook niet in Buenos Aires of omstreken zijn.

Wat zijn dan de kenmerken van een typische kerst in Buenos Aires?

1. Kerst is Kerstavond. Vergeet de Eerste en Tweede kerstdag. De 24e is waarop kerst gevierd wordt, enkel in de avonduren. Met om twaalf uur de toost met bubbels. Dat lijkt op oudejaarsavond? Inderdaad, nogal.

2. Na het kerstdiner komen er walnoten, chocoladerozijnen, nogat, suikerpinda’s en geconfijte amandelen op tafel. Een andere culinaire klapper is pan dulce, oftewel krentenbrood. Het is luchtiger dan hollands kerstbrood, volgens mij is het een variant op de italiaanse panettone. Of pan dulce bedoeld is als ontbijt, tussendoortje of voor bij de champagne, geen idee. Misschien is het de hollandse gewoonte, maar ik kies voor bij het ontbijt.

3. Kerstsfeer: geen. Als je je ogen goed openhoudt, zie je soms een kerstmansticker op een enkele winkelruit. Of ergens een kitcherig minikerstboompje, weggestopt in een hoek. Maar geen kerstliedjes, geen gezellige lampjes in het donker, geen eindejaarslijstjes, geen kerstkaarten,  geen top 2000 allertijden, geen glühwein.

4. Kerstcadeautjes. De meeste Argentijnen kopen een cadeau voor hun geliefde en familie.

5. Dronken bestuurders. Net als oudejaarsnacht, is kerstnacht een nacht waarop heel Buenos Aires in beschonken toestand over straat gaat. Ook met de auto. Dit is omdat eerst dineren bij familie en daarna feesten met vrienden het typische programma voor de kerstnacht is.  Wij hebben ons er (nog nuchter) een keer tussen begeven en dat was enerzijds heel komisch om te zien, de ongelofelijke drukte waardoor hard rijden al niet mogelijk is, en anderzijds zit je niet rustig vanwege de stommiteiten die je door de voorruit ziet. Deze avond levert elk jaar weer nieuwe records op bij de alcoholcontroles en aanhoudingen als gevolg.

Piece # 90 – De familiesticker

Ariel en ik hebben een gezamenlijke ergernis (nu we getrouwd zijn wil ik er extra voor waken dat ik in wij-termen ga denken, en ik wil al helemaal niemand lastig vallen met onze gezamelijke ergenissen dan wel voorliefdes, maar voor dit specifieke geval doe ik het tóch even). We zijn sinds een paar maanden zowel lichtelijk geobsedeerd als geërgerd door de familiesticker. En meer specifiek door de vele autobezitters die deze stijlloze sticker op hun auto plakken.

Mannetje-vrouwtje-dochter-zoon-hondje-hondje en alle mogelijke varianten hierop (hoewel, het wachten is nog op de mannetje-mannetje of vrouwtje-vrouwtje versie). De sticker is de opvolger van “Bebe a Bordo”, een sticker die zo’n 25 jaar geleden in Nederland hip was.

We verbazen ons er niet alleen over dat men het er blijkbaar voor over heeft om een nieuwe auto zo toe te takelen, maar nog veel meer over het kuddegedrag van deze mensen.

Foto: Uno Santa fé


Ik weet niet in hoeverre de stickers ook in andere landen zo populair zijn, maar het geeft wel aan dat deze mensen graag uitdragen dat ze trots zijn op hun (kersverse) gezin. My second guess was dat men mogelijk ook respect wil afdwingen bij medeweggebruikers. Zo van “Kijk mij, ik heb een gezin en gedraag me dus als een verantwoordelijk man op de weg – nu jij nog.” Ariel gelooft niet dat dit klopt, want hij ziet nog dagelijks automobilisten mét sticker de gevaarlijkste toeren uithalen.

Via de media hebben enkele psychologen inmiddels hun licht laten schijnen op dit fenomeen. Volgens hen plakken de ouders met deze sticker letterlijk het imago van “het gelukkige gezin” op de auto. Tegenwoordig ligt er in onze maatschappij een grote nadruk op status, imago en “kijken en bekeken worden”. Deze sticker zou dus een lichte vorm van exhibitionisme zijn: hiermee hoopt men door de buitenwereld als een gelukkig gezin te worden gezien. Of beter nog: als de bezitter van een nieuwe auto mét een gelukkig gezin.

Piece # 87 – Sapo Pepe

Vrijdagavond, kwart voor negen. Ik stapte de metro in samen met een behoorlijk aantal andere reizigers. Er stond een kleine man die gekopiëerde muziekdvd’s verkocht die hij onderwijl afspeelde op een draagbare DVD-speler. Kindermuziek met een hoog irritatiegehalte, maar ja, zo’n man moet toch ook rondkomen.

Sapo Pepe is veruit de populairste vorm van kinderentertainment op dit moment, categorie een- tot zesjarigen. Het is – zeg maar – de Teletubbies, K3 en Jip en Janneke ineen. Sapo Pepe is een zingende en dansende kikker.

Toen het Sapo Pepe-nummer uit de DVD-speler van de verkoper klonk, en ik ondertussen wat rondkeek, viel het me op dat veel mensen in ons voertuig de melodie zachtjes meeneurieden.

Piece # 86 – Wanted: Dr. House

We zijn zojuist voor de derde keer met Mandarina bij dierenarts Monica langsgeweest. Ze heeft wat vage klachten en plast bloed, maar zowel betreft de oorzaak als de remedie tasten we in het duister. Manda begint aan deze bezoekjes gewend te raken, lijkt het. Of althans: ze plast ons onderweg niet meer onder.

Monica is een schat van een mens, maar ze is ook verstrooid. En dat maakt deze bezoekjes nou juist heel huiselijk.

We brengen elke keer minstens een uur door in haar praktijk. Alle hulpmiddelen en medicijnen lijken altijd net op de verkeerde plek te staan, op te zijn of onvindbaar. Ondertussen wisselen we allerlei anekdotes uit. Omdat alles toch op z’n dooie akkertje gaat, maken we van de nood een deugd en wegen we onszelf op haar weegschaal, Ariel krijgt het nummer van de injectiespuiten- en latexhandschoentjesleverancier voor zijn laboratorium en we verschuiven op Monica’s verzoek meubilair. Wanneer één van haar medewerkers binnenkomt roept ze hem toe: “Even geduld hebben – ik ben hier met Mandarina”.

Mandarina is eersteklas patiënt  maar er mist nog altijd een diagnose. Onze gezamenlijke conclusie luidt dat dit een Dr. House-gevalletje is.

Toch maar een second opinion.

Nieuw blog over Argentinië

Wat zijn ze schaars de laatste tijd hè, de wereldstukjes vanuit het Argentijnse?

Het heeft ermee te maken dat ik ook regelmatig blogs schrijf voor reisorganisatie Pure Latin America. Zij verzorgen oa. maatwerkreizen naar Argentinië.  De blogs gaan over onderwerpen waar je misschien wel meer over wilt weten als je Argentinië bezocht hebt of gaat bezoeken: Buenos Aires, eten en drinken, natuur en avontuur, sport, politiek. En gaucho’s.

Naar Pure Latin America

Piece # 84 – Pacoboefjes, motochorros en ander gespuis

Vanuit Nederland wordt me vaak gevraagd hoe onveilig Buenos Aires nou eigenlijk is. Zuid-Amerikaanse steden hebben natuurlijk een reputatie.

Het antwoord hangt af van wie je het vraagt.

Berovingen

Om te beginnen, toeristen maken een behoorlijke kans om beroofd te worden. Maar ook locals worden beroofd, het overkomt de meesten van ons. De jongere generatie (wij dus) is er over het algemeen vrij relaxt onder. C’est la vie. De oudere generatie gelooft dat het met de dag erger wordt. Deze oudjes voelen zich erg kwetsbaar, en ze hebben gelijk: ze zijn een makkelijk doelwit. Aan het begin van iedere maand gaan ze allemaal hun AOW contant opnemen bij de bank. Dan staan er dagenlang flinke rijen wachtende oudjes voor de bankgebouwen. Just pick your target. Dan zijn er nog locals, vaak vrouw, minderjarig, immigrant en horende tot de laagste sociale klasse, die dankzij deze omstandigheden meer gevaar lopen om in de prostitutie, drugshandel, slavernij of mensenhandel te belanden. Deze mensonterende praktijken zijn in Argentinië – helaas – aan de orde van de dag, maar bevinden zich volledig in de illegaliteit en zijn dus minder zichtbaar. Heel erg naar en verontrustend.

Maar voor de meeste porteños en toeristen gaat onveiligheid dus over berovingen. Er zijn allerlei trends op dat gebied. Vooral de televisiezenders maken er een sport van deze te signaleren en uitgebreid te rapporteren, vergezeld van dramatisch aanzwellende muziek alsof het een politieserie betreft. Heel journalistiek verantwoord. Ik noem er een paar.

Trends

De motochorros (lunfardo voor motordieven) vormen de grootste trend: twee dieven (chorros), samen op een motor, stoppen naast het slachtoffer dat nietsvermoedend op straat loopt, één van de twee berooft het slachtoffer, springt met de buit weer op de motor en ze gaan ervandoor.

Andere trends die zijn gesignaleerd: van geparkeerde auto’s de waardevolle onderdelen verwijderen, zoals de wielen of de bumper. Veel balkons zijn afgeschermd met antirobo spijlen of hekwerk (waardoor het lijkt alsof je in een vogelkooi woont, heel prettig). Dieven komen daarom vaak gewoon via de ingang het flatgebouw binnen, onder valse voorwendselen. Verkleed als ongediertebestrijders bijvoorbeeld. Eenmaal binnen proberen ze in te breken bij één of meer appartementen. In mijn gebouw is de afgelopen drie jaar een poging gedaan, maar het enige waar dieven in geslaagd zijn is de in brons gegoten plaat met deurbellen te stelen. Wat op zich ook weer een trend is.

Ondanks de toename in het aantal criminele overvallen, is er voor ons toch één geruststelling, namelijk het profiel van de dieven.

Boefjes

De meeste overvallen worden gepleegd door boefjes uit de sloppenwijken van nog geen 20 jaar. Verslaafd aan paco of alcohol, is stelen een dagelijkse noodzaak voor ze. Paco is een mix van cocaïne productieafval met andere chemicaliën die bij dagelijks gebruik hersenschade kan veroorzaken. De televisiekanalen schotelen ons maar al te graag straatrapportages voor waarin ze deze jonge verslaafden aan het woord laten. Dan begrijp je direct dat die hersenschade geen mythe is.

Ze beroven daarom op de meest simpele manier, die nog werkt ook: ze vragen het slachtoffer om geld en melden daarbij dat ze een wapen onder hun sweater hebben. Het slachtoffer riskeert zijn leven niet voor een paar tientjes en geeft het geld af. Of er echt een wapen is? Het boefje is al weg voor we het weten. Ik heb laatst gehoord over een overvaller die zich zo schuldig voelde jegens zijn slachtoffer dat hij zijn excuses aanbood tijdens de beroving. Hij moet toch ook eten, weet je?

Dit roept grote verbijstering op bij onze vrienden en kennissen die zijn opgegroeid in Bogotá, Colombia. Colombiaanse overvallers gebruiken geweld, zijn gewapend en opereren nooit alleen. De inwoners hebben dus ietsje meer te vrezen dan wij.

En de politie, kunnen we daar op rekenen? Niet helemaal. Een vriendin werd vorig jaar op het politiebureau, toen ze aangifte kwam doen van diefstal in haar winkel, letterlijk uitgelachen door de dienstdoende officiers. Er zijn nieuwe politiediensten bijgekomen waardoor er aanzienlijk meer blauw (en beige, en fluoriserend gele hesjes) op straat is.  Maar als je het mij vraagt, is bij criminaliteit de televisie nog altijd je beste vriend.

Piece # 83 – Adiós Palermo

Ik heb het niet alleen over stervoetballer en Boca-held Martin Palermo, die zojuist zijn carrière als profvoetballer heeft beëindigd.

Na twee jaar is er ook een einde gekomen aan mijn dagelijkse belevenissen in de hip-chique doch gemoedelijke stadswijk Palermo.  Tegenwoordig fiets ik elke dag in exact de tegenovergestelde richting naar mijn werk. Letterlijk en figuurlijk in tegenovergestelde richting: het huidige kantoor is in de edgy volkswijk Monserrat.

Deze twee wijken zijn als Justin Bieber en Liam Gallagher: ik kan er niet over uit hoe verschillend ze zijn. En toch typeren ze beide, op hun eigen manier Buenos Aires.

Ergens weerspiegelen ze ook het BA van vroeger (Monserrat) en dat van nu (Palermo). In Palermo zijn alle sierlijke gevels uit de vorige eeuw pasgeschilderd (of replica’s). In een felle kleur, of ze zijn geheel onder handen genoemen door een lokale kunstenaar. Er wordt ook veel nieuw gebouwd: moderne flats met een glazen benedenverdieping die doorkijk geeft op het zen-patio met keitjes en decoratieve bamboestokken.

Vervallen panden die ooit prachtig waren domineren in Monserrat. Vergleden grandeur in alle vaaltinten grijs. De hoge ramen en sierlijke ornamenten, art deco misschien, verbloemen niet dat de boel op instorten staat. Maar de straten zijn één en al leven: al vroeg openen kleine winkeltjes hun deuren. Ijzerwaren onder een laag stof, verschoten briefjes her en der op de ruiten geplakt, minicroissantjes op de toonbank, krijtborden met de daghap buiten op de stoep, de antiquair zet 3 goedkope stoeltjes buiten, kopiëerapparaten worden aangezet,  laden en lossen, hondenpoep, een boekwinkel met alleen Marxistische boeken.

Mazacote, de oudbollige pizzeria met formica tafeltjes en bediening van boven de 70 (maar onverbeterlijke pizza) opent rond het middaguur haar deuren voor de hongerige kantoorwerkers. En tenslotte is er een Bar Magico, een statig pand met klassieke hoge ramen en rode velours gordijnen, die zeker magie beloven, en altijd dicht zijn. Een establissement dat vragen naar verborgen geschiedenissen oproept; over Monserrat, magiërs en hun merkwaardig barbezoek.

Piece # 82 – 10 bars om te gaan ontdekken in Buenos Aires

Geen enkele bruine kroeg maar wel ontelbaar veel bars in alle soorten en maten. Waar je naartoe gaat voor een koffie of een cocktail. Waar je nooit zal worden afgescheept met een kleffe tosti bij plots opkomende honger. En waar sluitingstijd altijd na 3.00 ‘s nachts is.

De kroegcultuur van Buenos Aires is zo gek nog niet. En deze zit ook nog eens flink in de lift: er komen jaarlijks honderden nieuwe bars en confiterias bij. Dat valt niet bij te houden, daarom hier een eerste selectie van noemenswaardige bars waar ik mijn gezelligste avonden beleefd heb.

 

1. Le Bar

Dit is zo’n plek waar je  nieuwe dingen voor het eerst ziet of hoort: er zijn optredens, er exposeren jonge kunstenaars, tout avant-garde.  Dat geldt ook voor de zitjes boven:  je zit hier op de met rood tapijt bedekte vloer rondom tafeltjes die een stukje in de vloer verzonken zijn.

Tucuman 422

2. Milion

Echt een moet-ik-een-keer-gezien-hebben-bar. Werkelijk de mooiste locatie die ik hier gezien heb, met balkonterras en een grote tuin.  Als je deze gigantische casona binnengaat, lijk je een andere wereld binnen te stappen. Dat merk je ook aan het publiek: jonge expats, compleet met champagne en sigaren. Iedereen is jong en mooi en kijkt naar iedereen. De DJ is goed, maar in Milion is men te cool om te dansen.

Paraná 1048

 

3. Dudui

Het experiment van de Nederlandse Coen Meischke. Kortgeleden is Dudui (“doedoei”) heropend als kunstgallerie, private dining locatie en vrijdagmiddagborrelcafé. Hele mooie plek, bij mooi weer is het terras fantastisch.

Costa Rica 5709

foto: Oscar Doyle

4. La Poesia

Deze bar is op en top San Telmo (die knusse wijk die antiek, literatuur en tango ademt). Of literair café, of culturele hangout, of artisan-corner. Hier wil je niet meer weg. Bestel ook een picada (hartige hapjes), deze is erg goed. Het komt voor dat La Poesia mutjevol zit. Probeer het dan bij El Federal (Carlos Calvo 395-399), dit café is van dezelfde eigenaren en er zijn veel mensen die juist bij deze golden oldie zweren.

Chile 502

 

5. El Gato Negro

Dit is eigenlijk een koffietentje (maar de locatie is zo top en ze serveren ook borrels, dus ach wat zou het?). Een heel bijzonder koffietentje. Stel je een kruidenierswinkel voor uit het jaar 1927. De grote houten kasten met honderden laadjes zijn gevuld met alle mogelijk denkbare kruiden en specerijen en…koffiebonen. Je begrijpt, voor een geurexplosie én de lekkerste koffie moet je na al die jaren nog steeds hier zijn.

Corrientes 1669

6. DADA

Dada letterlijk genomen, deze bar is eigenlijk niks bijzonders, maar toch is het kunst.  Niets is hier afgewerkt, de muren zijn rauw cement, je ziet hier en daar een meubel van 50+ jaar oud. De wankele metalen stoeltjes en houten tafeltjes maken het ramshackle-gehalte compleet. De sfeer daarentegen is beter dan waar dan ook.  Op de bovenverdieping kun je improvisatietheater en bandoptredens bijwonen.

Borges 1655

 

7. Acabar

Een kitch interieur tot in de kleinste details, cocktails, catchy muziek en genoeg bordspellen voor iedereen. Dat is het recept van Acabar. Succes verzekerd.

Honduras 5733

 

8. El nono amigo

Mijn favoriete plek voor een borreltje na het werk. Dit superknusse barretje is eveneens almacen-delicatessenwinkel. Je kiest gewoon een wijn uit het schap en die wordt dan aan je tafeltje opengemaakt. Maak van de gelegenheid gebruik om te proeven van de empanadas (met oa. aubergine of artisjok!), de kazen, de olijven… eigenlijk alles. Je kunt alles ook meenemen.

Guatemala 5800

 

9. Makena

Mijn eerste “ontdekking” hier in BA. Een bar met een hangend podium waar in de weekenden vanalles live ter gehore gebracht wordt. Vooral de funk jamsessies op zondagavond (Afromama Jams) zijn erg de moeite waard.

Fitz Roy 1519

 

10. El Living

El living (argentijns voor de woonkamer) is very appreciated bij de locals. Eén van de weinige bars waar muziek, veel britpop en -rock, een hoofdrol speelt en waar gedanst wordt. Er zijn grote schermen en oude televisies met alleen goede videoclips, er worden veel verjaardagen gevierd. Het publiek is van de 25-30 generatie.

M.T. de Alvear 1540