Stukjes Brazilië, Argentinië en Paraguay

Mijn verhaal vervolgt in Sao Paulo, de grote hippe stad dichtbij de kust ten zuiden van Rio. Hier ontmoette ik als eerste de Besluiteloze Ex, die me meenam naar een feestje met zo´n 200 man, georganiseerd door vrienden. Wat ik daar zag kwam me in het geheel niet bekend voor: superhip gekleden mensen driftig stampend en swingend op alles wat je kunt vinden op de grenzen tussen samba, rock, forro, polka en dance. De toon was gezet, de Brazilianen weten echt wat feesten is en het maakt ze niet uit dat het pas 23.00 uur ´s avonds is en dat er niets anders te drinken is dan bier. Ook leerde ik Sao Paulo kennen als de stad van de Grote Gebouwen, die zijn werkelijk overal waar je maar kijkt: er zijn talloze beroemde architecten verantwoordelijk voor. Maar goed, aan grote gebouwen heb je niet zoveel, en evenmin aan Besluiteloze Exen dus ik verkaste naar het Hostel der Hostels, in de hippe wijk Vila Madalena. Daar hoorde ik mezelf elke dag zeggen: “Tomorrow I´ll be leaving, I think.” En natuurlijk ging ik dan niet. Het leven was te goed, elke dag stonden wij hostelgasten wel ergens op de gastenlijst, elke dag weer waren er verse caipirinhas en het zou zonde zijn om de leuke, sympathieke, gastvrije Brazilianen zo snel te verlaten. De hosteleigenaar bijvoorbeeld, stuurde zijn vrienden langs om ons mee te nemen naar het 2 uur verderopgelegen strand (een paradijsje!). Een andere keer nam hij ons mee naar een introductiefeest op de universiteit waar hij had gestudeerd: het bleek nogal incrowd te zijn en de ingredienten voor het feest waren voornamelijk bier, verf, water en modder. Na een week volledige brakheid kon ik in ieder geval samba dansen, had ik Marco Carola weer eens live mogen aanschouwen, wist ik weer hoe ik make-up moest aanbrengen en…was het toch echt tijd om te gaan.

De volgende stop was Puerto Iguazu, net over de grens in Argentinië. De prachtige watervallen die inmense hoeveelheden water met een ongelofelijke kracht naar beneden laten storten waren zeker om over naar huis te schrijven. Een leuke plus waren ook de mooie vlinders, vogels, levensgrote leguanen en coaties die overal in de bush te vinden waren. De dag erna deden mijn kersverse reisgenoot en ik het grote grensovergangspel. We reden terug naar Brazilië en vervolgens naar Paraguay. Concreet betekende dit 2 uur terug in de tijd, een paar nieuwe stempels in het paspoort en veel geharrewar met pesos, reais en guaranies. Dat laatste is een behoorlijk achterlijke munteenheid, met biljetten van 1000 tot 100.000 guarani. Andere aspecten van de Paraguayaanse cultuur zijn ook even wennen na al die luxe van de afgelopen weken: zo ben ik mijn camera alvast kwijt, lijken buschauffeurs niet te willen zeggen wanneer je moet uitstappen en is het centrum van Asuncion na 19.00 uur ´s avonds niet bepaald veilig te noemen omdat het voor een groot deel uitgestorven is. Ondanks dat heb ik hier superlieve locals ontmoet. Ik werd uitgenodigd het populaire (maar o zo bittere) drankje tereré oftewel ijs-yerba-mate te drinken, kreeg een rozenkrans om het ongeluk van de gestolen camera te compenseren, en ik werd “thuis” uitgenodigd waar ik een zieke moeder aantrof, een plantentuin en heerlijk eten. Vanmiddag ga in aan boord van een redelijk oud vrachtschip genaamd Guaraní (de Guaraní is trouwens de grootste inheemse cultuur van Paraguay), dat mij naar Concepción zal brengen, hopelijk veilig en wel. In elk geval zal het interessante uitzichten – en wie weet inzichten – opleveren, de Rio Paraguay cruisen al liggend in mijn hangmatje te midden van tereré slurpende mensen en de enorme hoeveelheden vracht (bier, groenten, etc) die ik vanmiddag ingeladen zag worden.

Brazilië: Kaaimannen en carioca´s

Sinds ik per taxi en bestelbusje de Braziliaanse grens overgeheveld ben, is alles heel snel gegaan. Voor ik het wist zat ik achterin een jeep te midden van backpacks en nog wat mensen, al zwenkend en hobbelend over een onverharde weg vol zachte modder. Ik verwonderde me over de groene papagaaien die ons steeds om de oren vlogen, vlinders en tientallen andere vogels in iedere denkbare kleurencombinatie. Ik keek uit over de moeraslanden en met kleine meertjes en ondiepe beekjes links en rechts van de weg. Opeens stokte mijn adem: daar lag gewoon een krokodil te zonnen! Het was op dat moment even bijkomen, ik realiseerde me dat ik niet in de dierentuin was maar in de Pantanal, het grootste wildlife reservaat van Zuid-Amerika.

 

Pirañas en muggen

De drie opvolgende dagen begon de gewenning in te treden: we zagen tientallen apen, otters, leguanen, herten, meer kaaimannen, een jaguar-achtig beest waarvan ik de naam kwijt ben, pirañas en andere dieren die me tot noch toe onbekend voorkwamen zoals de capybara. En vogels, vogels en nog eens vogels… We zwommen de ene dag in de rivier vlakbij het kampament en de volgende dag vingen we pirañas for dinner in dezelfde rivier, oeps! Gefrituurd smaken ze trouwens best oké. Als we niet op avontuur waren, leerde ik Portugees van onze gids, die me ook heeft ingewijd in de meest populaire muziekstromingen hier (met behulp van DVD´s) zoals forro, calypso en feestmuziek uit Bahia. En, de twee hoofdactiviteiten zou ik bijna vergeten: het wegslaan van muggen (continu) en het sprayen met anti-mug (elke 15 minuten herhalen). Dat was iets minder grappig, ik verliet de vochtige, warme, mugvriendelijke Pantanal als een soort wandelend muggenhotel met ongeveer 300-400 beten.

 

Onverbeterlijk Rio

Gelukkig kon ik bijkomen onder het genot van droge airconditioned lucht in een bus naar Rio, wel 23 uur lang. Daar werd ik bij aankomst, in een willekeurig hostel, direct hartelijk onthaald met flauwe grappen van het Canadese en Braziliaanse personeel. Flirten is hier, ik denk nog vóór voetbal, volkssport nummer één, en dat maakt het leven voor de blauwogige tourist wel een stuk makkelijker. Maar ook moeilijker - tenminste als je zoals ik liever alleen wil slapen - zodra het nachtleven begint en er voortreffelijke caipirinhas in het spel komen.

Brak zijn is daarom een van de hoofdactiviteiten van de carioca’s, de inwoners van Rio. Maar ze eten ook graag zoetigheden, drinken verse sappen of agua de coco direct uit de kokosnoot, shoppen en liggen op het strand: Ipanema en Copacabana zijn de meest populaire stranden. Al met al, Rio de Janeiro is werkelijk een schitterende stad. Ik ben natuurlijk snel naar Cristo Redentor, het Jezus standbeeld, gegaan en vandaaruit zie je zo ver het oog reikt de stadsbebouwing, groen, stranden, de zee, eilanden en veel bergen die ook helemaal begroeid zijn. Deze stad heeft werkelijk alles. Ik zou nog veel langer kunnen blijven maar mijn portemonnee zegt nee. Dus we wagen nog een surfje en morgen op naar São Paulo.