#133 – Marokko: Tijd om de hoogste berg van Noord-Afrika te beklimmen

Als ik een bucketlist gehad zou hebben, zou dit een mooie reis zijn geweest. Eerste keer in Afrika. Meteen de hoogste berg beklimmen van Noord-Afrika en de Atlas.

Maar ik heb geen bucketlist, het leek me gewoon wel leuk om (na jaren van lage landenbezoeken) weer een ‘in de bergen’ te hiken. Langs kabbelende beekjes en met tussenstops in kleine berberdorpjes. U kent het wel. Toch?

De Toubkal is de hoogste piek van Noord-Afrika, 4167 meter hoog. Daar kon ik me niet veel bij voorstellen, de Boliviaanse hoofdstad La Paz ligt ook al op 3812 meter! Maar hier ging het dus om een besneeuwde piek, die goed te beklimmen is. Dat leek me wel een leuk begin van mijn rondreis door Marokko.

Ik had me ingelezen en wist dat het winterseizoen in aantocht was, dus warme kleding was zeker nodig. Verder zou ik me ter plekke wel informeren. Terwijl ik dit deed, in het dorpje Imlil, kwam ik een Australische dame tegen die ook alleen was en ook richting Toubkal wilde. We waren dus meteen een team en uiteindelijk regelden we via mijn guesthouse een gids, muildier, trekking boots (onze schoenen waren niet waterdicht en dus niet geschikt om mee door de sneeuw te gaan) en de dag erop vertrokken we.

P1010373

P1010381

Betty, Brahim en ik.

We teamden up met een Russisch stel, die met een bevriende gids liepen, gezellig. De eerste dag was prachtig en relatief makkelijk lopen. Onderweg kom je vanalles tegen zoals pelgrims met een offerschaap, een leuke waterval, meerdere geitenhoeders, Nederlanders, Spanjaarden, Portugezen, Zwitsers.

P1010395

P1010402

P1010422

We eindigden de dag in de Toubkal refuge. Dit gastenverblijf was comfortabeler dan ik me had voorgesteld, met openhaarden, we kregen thee en koekjes, en diner. Na het eten ging vrijwel iedereen meteen slapen, want de volgende dag zouden we rond 5.00 uur vertrekken richting de top. Slapen ging dus niet, ik was erg moe maar deed letterlijk geen oog dicht. Later begreep ik dat dit hoogstwaarschijnlijk door het hoogteverschil komt. We zaten nu al op 3207 meter.

De volgende ochtend vertrokken we om 5.00 uur Marokkaanse tijd, 5.45 uur dus. Het was nog wel donker, en het vroor, dus we waren goed ingepakt. We begonnen snel om hoog te lopen en klimmen over stenen en rotsen. Ik had last van wat duizelingen, maar besloot daar niet teveel aandacht aan te besteden. Gelukkig ging het over. We moesten vaak even stoppen, want de Russische Nadia had last van de hoogte. Ze was continu buiten adem, maar bleef lachen en grappen maken. Halverwege, we waren toen al ruim 2 uur aan het klimmen, liepen we door de sneeuw. Dit was soms verraderlijk glad, en dat wil je niet hebben als je zo steil omhoog moet. Dus werd het tijd om de crampons, ofwel stijgijzers, onder de schoenen te binden. Dit bleek nogal een gedoe, ze schoten weer los, pas nadat alles driedubbel vastgeklikt en -geknoopt zat, konden we weer verder omhoog. Ik vond het veel makkelijker lopen met de crampons, zeker in de verse sneeuw. Maar Nadia en haar vriend hadden het er echt moeilijk mee, en intussen hadden we al besloten dat we met z’n allen Team Sit, en ook nog Team High Five vormden en dus wachtten we steeds weer op haar. Na 4,5 uur stonden we dan eindelijk boven. Wat een overwinning!

P1010453

P1010432

P1010431

P1010440

20151111_105701_LLS

20151111_084914_LLS

Onderweg en op de top ben je niet alleen. Dagelijks gaan er tientallen mensen omhoog. We hadden ook gezelschap van een hondje en een paar vogeltjes (die lusten natuurlijk wel trailmix en dadels!) zoals deze:

P1010426

Ook de terugweg was pittig. Een berg afgaan lijkt makkelijker dan het is. Sneller is het wel. Behalve dan bij ons, want nu had Nadia’s vriend moeite met ademhalen (zijzelf veel minder). Maar gelukkig, hoe verder we daalden, hoe beter het ook met hem ging. Op sommige stukken konden we ‘schoenskieën’ door de sneeuw en daar wisten de Russen dan wel weer raad mee. En dan eindelijk, ruim 9 uur na ons vertrek uit de refuge kwamen we daar weer aan. We waren totaal uitgeput en onze voeten deden ontzettend pijn. We kregen lunch, wisselden van schoenen en besloten toch om hierna toch nog de hele weg terug naar Imlil te lopen.

Dit traject duurt normaal ook nog eens 5 uur, maar we zouden er flink de pas in zetten, ook om niet in het donker te hoeven lopen. Dat is praktisch niet te doen op stenige paadjes, en in Marokko gaat de zon al voor 18.00 uur onder. Onze gids wist een iets kortere weg en uiteindelijk liepen we 2,5 uur in het licht en een uur in het donker. “Thuis” bij het gezellige familieguesthouse. Yeah!

De volgende dag? Spierpijn. In de zon zitten. Bijkletsen met andere reizigers die de dag ervoor waren teruggekomen. Gedeelde spierpijn is halve spierpijn zullen we maar zeggen!